Van woestijnresort tot stadsoase hoe hotels slim omgaan met groen en buitenruimtes

Van woestijnresort tot stadsoase: hoe hotels slim omgaan met groen en buitenruimtes

Een perfect Engels gazon in de woestijn, of tropische planten in een land met chronisch watertekort. Het ziet er mooi uit op foto’s, maar is het ook slim? Steeds meer hotels kiezen gelukkig voor groen dat past bij het klimaat. In dit artikel lees je hoe je hotels herkent die echt duurzaam omgaan met hun buitenruimtes, en welke hotels gewoon groenwassen.

Je scrolt door hotelfoto’s en ziet overal die perfecte plaatjes: weelderige gazons, tropische tuinen, palmbomen tot aan de horizon. Het ziet er prachtig uit, maar heb je je wel eens afgevraagd of al dat groen eigenlijk wel logisch is? Of duurzaam? Ik ben de afgelopen jaren steeds vaker gaan letten op hoe hotels omgaan met hun buitenruimtes, en het verschil is enorm.

Sommige hotels doen het echt slim. Andere hotels leggen een compleet grasveld aan in een woestijn en besproeien dat de hele dag. Dat ziet er misschien mooi uit op Instagram, maar het is eigenlijk waanzinnig onverantwoord. In dit artikel wil ik het hebben over hoe hotels omgaan met groen en waarom niet elk hotel een Engels gazon nodig heeft.

Waarom niet elk hotel een grasveld moet hebben

Het begint al met de vraag: waar ligt je hotel? Een grasveld in Nederland is normaal. We hebben genoeg regen, de grond is vruchtbaar, en gras groeit hier vanzelf. Maar een grasveld op Kaapverdië?

Dat is een heel ander verhaal.Ik heb dit zelf gezien bij RIU resorts op Kaapverdië. In plaats van het hele terrein groen te maken (wat onmogelijk zou zijn in zo’n droog klimaat), hebben ze gekozen voor gericht groen. Er zijn palmbomen en planten die van nature in dat klimaat groeien, gecombineerd met kleine groene plekjes op strategische plaatsen. Het ziet er groen en verzorgd uit, maar zonder dat ze honderden liters water per dag verspillen aan gras dat daar helemaal niet thuishoort.

Dit is wat ik slim noem. Je kunt een mooi resort hebben zonder alles onder het gras te leggen. En toch zie je het nog steeds gebeuren. Hotels in Egypte, Dubai, of zelfs in het zuiden van Spanje die enorme grasvelden aanleggen terwijl er chronisch watertekort is.

Wine Resort Ledà d'Ittiri

De juiste graskeuze maakt verschil

Ook bij hotels waar gras wel logisch is, maakt de keuze van het type gras enorm veel uit. In Nederland zie je bijvoorbeeld steeds meer hotels die kiezen voor schaduwgras onder bomen en in binnentuinen.

Dit soort gras heeft minder zonlicht nodig en blijft ook groen op plekken waar normaal gras het niet redt. Hotels met binnenplaatsen of terrassen onder bomen hebben hier vaak last van. Normaal gras wordt daar geel en dun, terwijl schaduwgras prima gedijt.

Het scheelt ook in onderhoud en water, omdat dit type gras van nature sterker is en beter tegen Nederlandse omstandigheden kan. Maar ook hier geldt: zelfs het beste gras hoort niet thuis in een woestijnklimaat. Het gaat erom dat je kiest wat bij de locatie past.

Ik zag het ook in wat warmere bestemmingen zoals Tunesië en Egypte: soms is het echt super groen, op andere plekken bijna overal heel droog.

Dit is echt de kern van het verhaal. Water is schaars in veel vakantiebestemmingen, en hotels zijn enorme waterverbruikers. Niet alleen door gasten die douchen en zwembaden die gevuld moeten worden, maar ook door die groene tuinen.

Een gemiddeld grasveld heeft in een warm klimaat zo’n 4 tot 6 liter water per vierkante meter per dag nodig. Reken maar uit wat dat betekent voor een resort met een paar duizend vierkante meter gras. Dan praat je over duizenden liters water per dag, alleen voor het gras.

Slimme alternatieven:

Sommige hotels zijn overgegaan op druppelirrigatie in plaats van sproeiers. Dan komt het water direct bij de wortels terecht in plaats van dat de helft verdampt in de lucht. Dat scheelt enorm veel verspilling.

Andere hotels kiezen voor xeriscaping. Dat komt er op neer dat je je tuin ontwerpt met planten die weinig water nodig hebben. Cactussen, vetplanten, grassen die droogte verdragen. Het kan er prachtig uitzien zonder dat je constant moet besproeien.

En dan heb je hotels die regenwater opvangen en hergebruiken voor de tuin. Of zelfs hotels die hun grijs water (van douches en wastafels) zuiveren en gebruiken voor de buitenruimtes.

Groen als marketing versus echte duurzaamheid

Veel hotels gebruiken hun groene tuin als verkoopargument. “Look at our lush gardens!” staat er dan op de website, met foto’s van tropische planten en perfect gemaaide gazons. Maar is dat nou echt duurzaam? Of is het greenwashing?

Echte duurzaamheid herken je aan:

  • Hotels die transparant zijn over hun waterverbruik en besparingsmaatregelen
  • Gebruik van lokale, klimaat-aangepaste planten
  • Regenwater- en grijs watersystemen
  • Gecertificeerd duurzaam door erkende organisaties

Greenwashing herken je aan:

  • Mooie woorden over “groen” zijn zonder concrete acties
  • Tropische tuinen in woestijnklimaten zonder uitleg over water
  • Golfbanen in droge gebieden
  • Geen enkele vermelding van water- of energiebesparing

Ik boek liever een hotel dat eerlijk is over hun keuzes dan een hotel dat doet alsof ze duurzaam zijn terwijl ze water verspillen aan een Engels gazon in de woestijn.